De tijd, ach de tijd

Daar is ie weer: die laatste week van het jaar, vol sfeerzoekende lichtjes en feesten in welke vorm en betekenis ook. We komen bij elkaar, bijvoorbeeld om samen te eten, vaak lekker en meestal te veel. We verrassen elkaar met iets extra’s, knallen met kurken en vuurwerk, en genieten wat meer vrije tijd. Tal van ingrediĆ«nten, allemaal bedoeld om er iets aangenaams van te maken, een knusse boel, al pakt dat in de praktijk weleens anders uit.

Voor wie rouwt om een dierbare kan deze week een hele opgave zijn. Juist in al dat knusse samenzijn schreeuwt die ene, pijnlijk lege stoel van gemis. En op de grens van oud naar nieuw oogt de tijd opeens als een vijand.
Zo was dat althans voor mij, in het eerste begin. Ik herinner me het nog goed, die allereerste Oudejaarsavond zonder Judith. Toen de klok de laatste seconden van dat jaar wegtikte voelde ik pas hoe hartgrondig mijn verzet was om erin mee te gaan: mee, een nieuw jaar in. Want hier wilde ik blijven, hier bij waarin nog wat samen zat.

In de ervaring zet rouw het leven even stil. En dus ook de tijd. Maar Oud en Nieuw helpen je meedogenloos uit die droom.
Onverstoorbaar tikt hij door, en neemt al wat leeft erin mee. Hup, een nieuw jaar in, of je wilt of niet.

Met de jaren maakt de tijd de afstand almaar groter: tussen toen en nu, tussen met en zonder. Inmiddels voel ik daar gelukkig allang geen vijandigheid meer in. Hij doet gewoon wat hij moet doen, de tijd: tikken, almaar doortikken.

De tijd, ach de tijd, die kon er toch ook niks aan doen?

Wil je reageren? Dat kan via contact.